05-12-07

De hidjaab dient niet te lijken op mannelijke kledij

Het is overgeleverd in authentieke overleveringen, dat een vrouw die mannen (in kleding of iets dergelijks) imiteert vervloekt is. Hieronder zijn een aantal overleveringen opgesomd:

Aboe Hoerairah zei: “de boodschapper van Allah vervloekte de man die vrouwenkleren draagt en de vrouw die mannenkleding draagt.”

‘Abd Allaah ibn ‘Amr zei, dat hij de boodschapper van Allah (Allah’s vrede en zegeningen zij met hem) hoorde zeggen: “de vrouwen die mannen imiteren en de mannen die vrouwen imiteren, behoren niet tot ons.”

Ibn ‘Abbaas zei: “de profeet vervloekte verwijfde mannen en gespierde vrouwen. Hij zei, ‘gooit hen uit jullie huizen.’” Ibn  ‘Abbaas zei ook:’ de profeet verdreef die en die, ‘Oemar verdreef die en die.”

Volgens een andere versie:
“de boodschapper van Allah vervloekte de mannen die vrouwen imiteren en de vrouwen die mannen imiteren.”

‘Abd Allaah ibn ‘Amr heeft overgeleverd, dat de boodschapper van Allah (Allah’s vrede en zegeningen zij met hem) zei: “er zijn er drie die het paradijs niet zullen betreden en waarnaar Allah niet eens zal kijken op de Dag der Opstanding: degene die zijn ouders ongehoorzaam is, een vrouw die mannen imiteert, en de doeyoeth (bedrogen echtgenoot; een zwakke man die geen jaloezie over zijn vrouwen voelt).”

Ibn Abi Maliekah – die in feite ‘Abd Allaah ibn ‘Oebayd-Allaah heette- zei: “aan ‘Aa-ishah werd gevraagd, ‘wat als een vrouw mannen sandalen draagt?’ Zij antwoordde: ‘de boodschapper van Allah vervloekte vrouwen die zich als mannen gedroegen.’”

Deze overleveringen geven duidelijk aan, dat het voor vrouwen niet toegestaan is om mannen te imiteren en andersom. Dit geldt niet alleen voor het imiteren op het gebied van kledij, zoals in de eerste overlevering, maar ook op andere gebieden.

Aboe Dawoed zei, in Massa-il al Imaam Ahmad (p.261): “ik hoorde Ahmad ondervraagd worden over een man die zijn vrouwelijke slaaf kleedt in een tunica. Hij zei, ‘Kleedt haar niet in mannelijke kleren en laat haar niet op een man lijken.’ Aboe Dawoed zei: ik zei tegen Ahmad, ‘kan hij zijn vrijgezelle sandalen aan haar geven?’ Hij antwoordde, ‘Nee’. Ik vroeg, ‘mag hij haar haren kort knippen?’ Hij antwoordde, ‘nee’.’”  

12:35 Gepost door Moge Allah mij vergeven wanneer ik fouten heb gemaakt en Allah weet het beste! | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.